Jarenlang stond het debat over vRAN (virtueel geabstraheerde radio access network) tussen technologische beloftes en operationele voorzichtigheid: meer flexibiliteit, meer leverancierscompetitie, snellere netwerkontwikkelingen. Volgens een analyse van AMD is de sector in 2026 een nieuwe fase ingegaan. De vraag is niet langer “waarom vRAN”, maar hoe het commercieel houdbaar te maken wanneer het niet langer een pilot is, maar op grote schaal wordt uitgerold. En daarin, zegt het bedrijf, is de grote vijand niet langer technologie: het is de economie.
In een publicatie ondertekend door Derek Dicker (Corporate Vice President, Enterprise and HPC Business Group) wijst AMD op de huidige beperkingen van vRAN, gebaseerd op zeer praktische factoren: stijgende energiekosten, druk op cloud-native architecturen, de behoefte aan automatisering van operaties en vooral de uitdaging om consistente prestaties te behouden in zeer gedistribueerde infrastructuren. In netwerken met duizenden locaties kunnen kleine inefficiënties snel oplopen, de operationele kosten verhogen, de operationele praktijk compliceren en het businessmodel onder druk zetten.
Strategisch “nieuwe hefboom”: server computing
AMD stelt dat de overgang naar vRAN een cruciaal element in de vergelijking op zijn kop zet: de RAN wordt niet langer afhankelijk van op maat gemaakte systemen met gespecialiseerde silicium, maar steunt op generieke server computing. Die transitie opent de deur naar meer flexibiliteit, maar maakt hardware van servers ook een directe factor in de totaal eigendomskost, energieverbruik en snelheid van uitrol.
In dit scenario wordt niet het maximale prestatieniveau per se als belangrijkste maatstaf gezien, maar prestaties per watt en per euro. AMD benadrukt een steeds terugkerend punt in de telecomwereld: wanneer de implementatie op schaal wordt gerepliceerd, wordt wat ‘klein’ lijkt in één node snel heel groot in de totale omvang. Daarom kijkt AMD naar meer interesse in single-socket configuraties, die processorkracht bieden met minder energieverbruik en een compacter ontwerp.
EPYC 8005 “Sorano”: tot 84 cores op een 225 W-omgeving
De oplossing die AMD aandraagt, zijn de AMD EPYC 8005 (codenaam “Sorano”): CPUs ontworpen voor ‘dure’ edge scenarios, met als doel leiderschap in prestatie per watt en euro bij telecommunicatie-uitrol. AMD beweert dat deze processors tot 84 cores in single-socket en een hoge rekencapaciteit bieden binnen een omgeving tot 225 W, gericht op vRAN-eisen, inclusief intensieve verwerking van laag 1 (L1) verwerking.
De boodschap sluit aan bij de operationele realiteit: veel telecom-vestigingen zijn geen datacenters; het zijn locaties met beperkte energie, beperkte ruimte en complexe omgevingsomstandigheden. In zulke contexten betekent meer capaciteit niet zomaar ‘meer hardware’, maar dat dit gebeurt zonder de limieten van vermogen, warmteafvoer en remote beheer te overschrijden.
Zakelijke prioriteiten: dure kracht en ruimte, determinisme en telco-platforms
AMD positioneert EPYC 8005 als dé oplossing voor deployments waarbij vermogen en ruimte gewaarborgde middelen zijn, van buitenunits tot gedichte edge-locaties. In die overgang benadrukt het bedrijf twee belangrijke criteria: energie-efficiëntie en prestatiedeterminisme (variabiliteit minimaliseren, voorspelbaar gedrag behouden).
Drie kernconcepten die AMD voor EPYC 8005 noemt en die nauw verbonden zijn met de telcomarkt:
- Uitgebreide temperatuurranges om te voldoen aan omgevingsvereisten.
- Capaciteit om NEBS-conforme platformen te ondersteunen, bedoeld voor robuuste en buitentoepassingen.
- Hoge kernendichtheid per socket voor meer compacte formats.
De redenering is dat, als het doel is om vRAN op een duurzame manier te schalen, de platformen een gebalanceerd compromis moeten bieden tussen kostenefficiëntie en flexibiliteit, zonder in te boeten aan operationele betrouwbaarheid.
LDPC en 5G: optimalisaties voor “meer uit de fysieke laag”
De meest technische aankondiging betreft de verbeteringen in prestatieniveau voor L1: AMD zegt dat het decoderen van LDPC (Low-Density Parity Check) error-correctie is geoptimaliseerd in EPYC 8005, met het doel latency te verminderen en het verwerkingstempo voor foutcorrectie in 5G-systemen te versnellen, wat een sleutelrol speelt in de algehele doorvoersnelheid.
AMD verbindt deze verbeteringen aan interne ontwerpkenmerken: het “Zen 5” execution pipeline, verbeterde vector-units en verfijnd geheugenbeheer. De doelstellingen zijn dubbel: LDPC- efficiëntie verhogen zonder het deterministische gedrag te compromitteren en daarmee de throughput te vergroten, vooral voor Massive MIMO toepassingen.
Een operationeel punt dat AMD onderstreept en dat relevant is voor netwerkinfrastructuurplanners, is dat een efficiëntere LDPC-verwerking betekent dat er meer rekenkracht vrijkomt voor andere functies in L1 en L2, wat betekent dat een enkele server meer functies kan uitvoeren, en daarmee de economische cijfers verbetert.
Ecosysteem: Ericsson, Samsung, Supermicro en Wind River versterken de boodschap
AMD ondersteunt haar voorstel met getuigenissen van partners binnen het ecosysteem, die benadrukken dat cloud-native RAN determinisme, efficiëntie en flexibele integratie vereist, en dat samenwerking tussen leveranciers cruciaal is om deze architecturen verder te ontwikkelen.
Onder de betrokken partijen vinden we:
- Ericsson, dat aangeeft dat cloud-native RAN de eisen aan rekenplatformen verhoogt.
- Samsung, dat de combinatie van AMD’s nieuwste processor met bewezen vRAN-software benadrukt voor efficiënte en flexibele implementaties.
- Supermicro, dat haar edge-servers met EPYC 8005 aanbiedt als basis voor compacte, efficiënte oplossingen.
- Wind River, dat zich richt op operatoren die Open RAN en edge AI willen opschalen, met strikte controle over kosten, energie en operationele complexiteit.
De kernboodschap is duidelijk: vRAN beweegt richting ‘operationele fase’, waarin risicoreductie en vereenvoudigde operaties belangrijker worden dan puur prestatielabels.
Een nieuwe toon in 2026: van ‘waarom’ naar ‘wat kost het om het te onderhouden’
AMD’s artikel wijzigt geen fundamenteel concept van vRAN, maar herbespeelt het discours: wanneer vRAN zijn flexibiliteit heeft bewezen, is de volgende stap het systeem zodanig te kunnen bedienen en financieren dat de complexiteit en de energiekosten niet de kop kosten.
In dat licht positioneert AMD’s EPYC 8005 “Sorano” zich als een antwoord op de actuele vraag in de telecomsector: hoe te groeien in capaciteit zonder de controle te verliezen over vermogen, kosten en prestaties, vooral bij buitengevestigde infrastructuren die niet in een traditioneel datacenter zitten.
Veelgestelde vragen (FAQ)
Wat betekent “economie van vRAN” en waarom wordt het kritiek in commerciële uitrol?
Het verwijst naar de totale eigendomskost (TCO) van vRAN, inclusief energie, hardware, operaties, automatisering en schaalbaarheid. Op grote schaal kunnen kleine inefficiënties per node zich opstapelen en het bedrijfsmodel bedreigen.
Wat levert een single-socket ontwerp met tot 84 cores in vRAN gebaseerd op x86?
Volgens AMD biedt dit hoge rekencapaciteit met minder platformcomplexiteit en een lager energieverbruik, wat voordelig is voor sites met beperkte ruimte en stroom.
Waarom is LDPC belangrijk voor 5G vRAN en wat probeert AMD te verbeteren met EPYC 8005?
LDPC is een essentiële foutencorrectiecode in 5G; AMD zegt dat het decoders voor LDPC heeft geoptimaliseerd om latency te verkorten en throughput te verhogen, waardoor meer functies per server mogelijk worden.
Wat betekent het voor een platform NEBS-conform te zijn bij telco edge deployments?
Het betekent dat het platform voldoet aan de robuustheidseisen voor telecom, geschikt voor veeleisende buitentoepassingen en ruggedized locaties waar de infrastructuur blootgesteld wordt aan moeilijke omstandigheden.
