De beslissing van China om de terugtrekking van Windows in bepaalde overheidsinstanties te versnellen, roept ook voor Europa een ongemakkelijke vraag op: Heeft het zin dat overheidsinstellingen, gevoelige infrastructuren en publieke diensten in Europa afhankelijk blijven van besturingssystemen en platforms die gecontroleerd worden door bedrijven buiten de Europese Unie? Het antwoord ligt niet in het volledig verwijderen van Windows uit alle entiteiten, maar enkele Europese regeringen tonen al dat Linux en open source software geïntegreerd kunnen worden in duizenden publieke functies, licentiekosten kunnen verlagen en het technologische vertrouwen kunnen vergroten.
De kern van Linux en de digitale soevereiniteit van Europa in 30 seconden
- Europa hoeft Windows niet te verbieden, maar moet wel identificeren waar afhankelijkheid van een Amerikaanse leverancier weinig waarde toevoegt.
- Schleswig-Holstein vervangt Office, Outlook, Exchange en geleidelijk Windows door open technologieën voor ongeveer 30.000 medewerkers.
- De Duitse deelstaat beweert al meer dan 15 miljoen euro te hebben bespaard op licentiekosten.
- Frankrijk gebruikt Linux al jaren op tienduizenden werkplekken binnen de Gendarmerie.
- De Europese Commissie plaatste in juni 2026 open source binnen haar nieuwe strategische visie voor technologische soevereiniteit.
Het vraagstuk moet bovendien niet worden gezien als een ideologische strijd tussen Windows en Linux. Microsoft biedt een volwassen product dat breed wordt ondersteund en essentieel is voor veel professionele toepassingen. Overstappen alleen omdat Linux geen licentiekosten heeft, kan uiteindelijk duurder uitpakken als er later applicaties opnieuw opgebouwd moeten worden, werknemers getraind of complexe compatibiliteitslagen onderhouden moeten worden.
Het tegenovergestelde geldt uiteraard ook. Voortdurend licenties betalen omdat men altijd dezelfde leverancier heeft gebruikt, is geen goede technologische strategie.
Europa begint dit nu officieel te erkennen.
Schleswig-Holstein toont dat migratie verder kan gaan dan de proeffase
Het meest onderscheidende Europese voorbeeld bevindt zich momenteel in Duitsland.
De deelstaat Schleswig-Holstein ontwikkelt een programma om een digitaal soevereine overheidswerkplek voor ongeveer 30.000 medewerkers te creëren.
Het gaat niet alleen om het installeren van Linux.
De strategie voorziet in een geleidelijke vervanging van grote delen van de Microsoft-infrastructuur door verschillende open componenten.
| Traditionele technologie | Alternatief of gepland |
|---|---|
| Microsoft Windows | Linux |
| Microsoft Office | LibreOffice |
| Exchange | Open-Xchange |
| Outlook | Thunderbird |
| SharePoint | Nextcloud |
| Active Directory | Nubus / open infrastructuur |
| Microsoft Access | Alternatieve platform voor applicaties |
| Eigen telefonie | Open architectuur OSKAR |
Dit project biedt nu de mogelijkheid om resultaten op echte schaal te analyseren.
In oktober 2025 voltooide Schleswig-Holstein de migratie van meer dan 40.000 postbussen, inclusief meer dan 100 miljoen e-mails en agendainschrijvingen, van Microsoft Exchange en Outlook naar Open-Xchange en Thunderbird.
Aan het einde van dat jaar was LibreOffice geïmplementeerd op bijna 80% van de administratieve werkplekken, aanvankelijk uitgesloten in bepaalde delen van de belastingadministratie.
De regionale overheid publiceerde bovendien een bijzonder interessante statistiek: ze beweerde meer dan 15 miljoen euro te hebben bespaard op licentiekosten, terwijl ze daarvoor in 2026 nog negen miljoen euro extra zou investeren voor verdere migratie en ontwikkeling van open oplossingen.
Dit betekent niet dat Linux altijd goedkoper zal zijn.
Maar het bewijst wel dat besparingen echt kunnen zijn, niet alleen hypothetisch.
In augustus 2026 zette Schleswig-Holstein nog een stap door de overstap van zijn telefonie-infrastructuur naar OSKAR, een open technologie-gedreven architectuur.
Het regionale bestuur bevestigt bovendien dat de overgang naar Linux voor het besturingssysteem al begonnen is.
Het project is vooral interessant omdat het de kern van het probleem niet verbergt.
Sommige gespecialiseerde applicaties van de administratie blijven afhankelijk van Windows, waardoor de overstap geleidelijk plaatsvindt in plaats van een onmiddellijke order om Microsoft van alle computers te verwijderen.
Deze aanpak zou een veel haalbaardere optie voor de rest van Europa kunnen zijn.
Frankrijk bewijst al jaren dat Linux ook in kritieke organisaties kan functioneren
Frankrijk beschikt over een ander, ouder precedent.
De Franse Gendarmerie startte jaren geleden haar transitie naar open source software, inclusief haar eigen op Ubuntu gebaseerde distributie, GendBuntu.
Het gaat niet om een kleine gemeente die Linux gebruikt om kosten te drukken.
De Gendarmerie beheert een gedistribueerde infrastructuur op territoriaal niveau en werkt met gevoelige informatie. Hun ervaring bewijst dat een Linux-desktop centraal beheerd kan worden en gebruikt in omgevingen waar veiligheid, continuïteit en controle prioriteit hebben.
Het Franse model betekent niet dat alles vanaf nul moet worden ontwikkeld.
Dat is waarschijnlijk een van de ideeën die Europa zou moeten vermijden als ze wil groeien in technologische soevereiniteit: soevereiniteit betekent niet dat men voor elk Amerikaans product een nationale variant moet creëren.
27 incompatibele Linux-distributies van de overheid vergroten eerder afhankelijkheid dan dat ze deze verminderen.
Een meer Europese aanpak zou veel logischer zijn.
Linux biedt al een open kern die wereldwijd wordt gebruikt. LibreOffice, Nextcloud, Open-Xchange, Thunderbird en diverse projecten vormen bouwstenen voor beheersbare werkplekken door overheden.
Daarnaast zijn er Europese bedrijven die ondersteuning, integratie, beveiliging en onderhoud kunnen bieden.
Het beschikbare geld zou niet verdwijnen. In plaats van het hele budget aan buitenlandse licenties te besteden, zou een deel kunnen worden geïnvesteerd in Europese bedrijven die deze diensten verzorgen.
Dat is een belangrijke economische overweging.
Open source betekent niet gratis.
Het betekent wel dat het wisselen van leverancier niet noodzakelijk betekent dat je de technologie moet veranderen.
Een overheidsorganisatie kan een bedrijf inhuren voor het onderhouden van Linux of open source applicaties en die dienst later aan een andere leverancier uitbesteden zonder de hele platform te hoeven vervangen.
Dat onderhandelingsruimte heeft dus economische waarde.
De EU erkent zelf dat ze afhankelijk is
Het debat is niet langer louter een kwestie van open source communities.
Op 3 juni 2026 presenteerde de Europese Commissie haar nieuwe strategie voor open source als onderdeel van haar pakket voor Europese technologische soevereiniteit.
De Commissie erkent dat Europa nog altijd sterk afhankelijk is van niet-EU leveranciers op het gebied van software, cloud, kunstmatige intelligentie en digitale infrastructuur.
Het document COM(2026) 503 is nog explicieter: het vermeldt dat de Unie voor meer dan 80% van haar digitale producten, diensten, infrastructuur en intellectueel eigendom afhankelijk is van niet-Europese aanbieders.
De Commissie ziet open source als een instrument om deze afhankelijkheden te verminderen.
De prioritaire gebieden omvatten vooral besturingssystemen, cloud en edge, kunstmatige intelligentie, cyberveiligheid en softwareontwikkeling.
Ook wil ze dat overheden actieve deelnemers worden binnen het open ecosysteem, meer kansen voor contractering creëren en hergebruik van ontwikkelingen stimuleren.
Er ligt bovendien een aanzienlijk economisch belang achter deze lijn. De Commissie schat dat Europa jaarlijks meer dan 260 miljard euro uitgeeft aan digitale technologieën van derden.
Niet al dat geld gaat naar Microsoft of kan direct worden vervangen door Linux. Het betreft een veel grotere technologische markt.
Maar het geeft wel inzicht in de afhankelijkheid.
Ook Oostenrijk onderzoekt sinds kort dit probleem. De Digitale Overheidsdienst publiceerde in 2026 een analyse over digitale soevereiniteit in de publieke sector, uitgevoerd in samenwerking met het Ministerie van Digitalisering, gemeenten en regio’s. Het onderzoekt nationale en internationale ervaringen en mogelijke mechanismen om de keuzemogelijkheden van overheden te vergroten.
Oostenrijk toont ook voorbeelden uit de samenwerkingssector. Het Duitse Bundesministerium für Wirtschaft deployde Nextcloud op infrastructuur binnen Oostenrijk om controle over gegevens te versterken en afhankelijkheid van niet-Europese clouddiensten te verminderen.
Niet iedereen vervangt Windows volledig. En die nuance is juist belangrijk.
Europa hoeft Windows niet te verwijderen, maar moet wel als alternatief kunnen afzien
Een redelijke Europese beleidslijn zou niet bestaan uit het bevelen dat alle ambtenaren Linux gebruiken.
Er zijn functies waar Windows nog steeds de meest technologische en economische optie blijft.
Industriële applicaties, gespecialiseerde tools, bepaalde medische apparatuur, legacy systemen of software die specifiek voor Microsoft-technologieën is ontwikkeld, kunnen overstappen kostentechnisch onhaalbaar maken.
De ware soevereiniteit ligt in het kunnen identificeren waar die afhankelijkheid bestaat en de mogelijkheid om deze weg te nemen wanneer dat nodig is.
Een eerste eenvoudige stap zou kunnen bestaan uit het classificeren van publieke functies.
Een medewerker die vooral browser, e-mail, videoconferentie, webapplicaties, documenten, spreadsheets en administratietools via internet gebruikt, heeft heel andere behoeften dan een technicus die afhankelijk is van gespecialiseerde Win32-software.
Voor de eerste groep zou Linux op z’n minst gelijke kansen moeten bieden bij aanbestedingen.
Ook moet een ander principe worden toegepast: nieuwe overheidsapplicaties zouden geen onnodige afhankelijkheid van het systeem van de gebruiker moeten creëren.
Een administratie die ontwikkelt in 2026 een applicatie die uitsluitend op Windows goed functioneert, creëert mogelijk een probleem dat twintig jaar kan duren.
Open standaarden, webapplicaties, goed gedocumenteerde API’s, interoperabele formaten en authenticatie die niet van de leverancier afhangt, zorgen ervoor dat het besturingssysteem opnieuw een keuze en geen verplichting wordt.
Dit heeft implicaties die verder gaan dan alleen licentiekosten besparen.
Een organisatie die controle heeft over haar code, documentformaten, gebruiksidentiteit en data-infrastructuur, heeft meer flexibiliteit om van leverancier te veranderen.
En die autonomie vormt een van de fundamenten van technologische soevereiniteit.
China volgt een sterk meer intervenionistisch model en vervangt geleidelijk buitenlandse technologie door nationale alternatieven. Europa hoeft dat niet te kopiëren.
Wat wel een voordeel biedt, is dat Linux en een groot deel van de benodigde open source software al bestaan.
De vraag is of Europa deze strategisch wil inzetten.
Het Schleswig-Holstein-voorbeeld bewijst dat het op een schaal gedaan kan worden die niet meer als experiment wordt beschouwd. Het laat ook zien dat niet alles meteen gemigreerd kan worden en dat verouderde applicaties een grote uitdaging vormen.
Misschien is dat wel de aanpak die Europa nodig heeft: niet de vraag of ze Microsoft moet verlaten, maar welke organisaties, functies en diensten relevant genoeg zijn om afhankelijk te blijven van Microsoft en waar dat niet langer zo nodig is.
Als in duizenden overheidswerkplekken de basis voor het werk wordt gevormd door een browser, een kantoorapp, e-mail en enkele webapplicaties, wordt Linux niet meer louter een ideologisch vraagstuk.
Het wordt een economische en strategische keuze die door de overheden minimaal moet worden meegenomen in hun evaluaties.
Veelgestelde vragen
Kan Europa Windows vervangen door Linux in de Overheid?
Technisch kan dat in een aanzienlijk deel van de functies, maar volledige vervanging is veel complexer. Specifieke applicaties, randapparatuur en legacy systemen houden afhankelijkheden van Windows vaak jarenlang in stand.
Zijn er Europese overheden die al afscheid nemen van Microsoft?
Ja. Schleswig-Holstein vervangt geleidelijk Office, Exchange, Outlook en andere onderdelen en is begonnen met de overstap naar Linux. De Franse Gendarmerie gebruikt al jaren Linux-desktops en meerdere andere instanties vervangen bepaalde gesloten tools door open alternatieven.
Zou Linux geld kunnen besparen voor de publieke sector?
Het kan licentiekosten verlagen, maar een migratie brengt ook kosten mee voor integratie, opleiding, ondersteuning en aanpassing. Schleswig-Holstein beweert al meer dan 15 miljoen euro minder te betalen aan licenties, terwijl ze in 2026 nog negen miljoen euro extra in de migratie en verdere ontwikkeling investeert.
Waarom kan open source de Europese soevereiniteit versterken?
Omdat het inzicht biedt in en controle over software, het gebruik van open standaarden mogelijk maakt, en het de mogelijkheid biedt om van leveranciers te wisselen zonder de gebruikte technologie volledig te verlaten. De Europese Commissie positioneert open source sinds 2026 als een instrument om technologische afhankelijkheid te verminderen.
