Sabi skeert Neuralink af met een BCI-hoed die gedachten wil schrijven

Sabi is net uit de stealth-modus getreden met een belofte die, op papier, als sciencefiction klinkt: het omzetten van interne spraak in tekst zonder chirurgie, zonder microfoon en zonder toetsenbord. De startup uit Palo Alto wil dit bereiken met een niet-invasieve draagbare technologie in de vorm van een hoed of pet, gebaseerd op zeer hoge dichtheid EEG, aangepaste ASICs en een fundamenteel model getraind met neurale gegevens. Het idee is niet zomaar klein: als het werkt, zou de computer niet meer alleen afhankelijk zijn van klik, stem of aanraking, maar een extra laag invoer krijgen die direct verbonden is met verbaal denkvermogen.

Wat Sabi interessant maakt, is niet alleen de grote belofte, maar ook het contrast met de rest van de BCI-markt. Terwijl Neuralink, Synchron, Precision Neuroscience en Paradromics vooral werken aan implantabele of minimaal invasieve interfaces voor mensen met verlamming of ernstige motorische beperkingen, wil Sabi een andere weg inslaan: een potentieel massale, alledaagse en draagbare interface, die meer lijkt op koptelefoons of een pet dan op een operatiekamer. Deze ambitie verandert de schaalbaarheid volledig in het discours.

De strategie van Sabi: minder precisie per sensor, meer dichtheid en meer AI

Volgens Wired zegt Sabi dat hun hoed tussen de 70.000 en 100.000 miniaturiseerde sensoren zal bevatten, een veel hogere dichtheid dan de meeste conventionele EEG-systemen, die doorgaans tussen een dozijn en enkele honderden sensoren bewegen. Het initiële doel van het bedrijf is om ongeveer 30 woorden per minuut te kunnen genereren, ondersteund door een “brain foundation model” getraind met 100.000 uur neuronale data verzameld van 100 vrijwilligers. Op hun eigen website verwijst het bedrijf naar neuro-imaging sensoren aangedreven door op maat gemaakte ASICs en een fundamenteel model ontworpen om hersensignalen te koppelen aan gedachten.

De technische logica is duidelijk. Het grote probleem bij niet-invasieve EEG is dat het signaal afgezwakt en vervaagd aankomt doordat het door de hoofdhuid en schedel moet passeren. Recente literatuur beschrijft die signaalverzwakking, de lage signaal-ruisverhouding en de grote variabiliteit tussen gebruikers als de grootste obstakels voor niet-invasieve BCI’s, vooral bij het decoderen van geïmagineerde spraak. Met andere woorden: de uitdaging is niet alleen “lees” het brein, maar doe het met voldoende resolutie, herhaalbaarheid en robuustheid zodat iemand het systeem natuurlijk kan gebruiken.

Daar probeert Sabi zich te onderscheiden. In plaats van te concurreren met Neuralink op het vlak van pure signaalkwaliteit, compenseren ze de zwakte van een extern draagbaar apparaat door meer opname-dichtheid en een AI-laag getraind op grote schaal. Dit is een zeer andere strategie dan de klassieke intracorticale implantaten: minder nauwkeurigheid per kanaal, maar meer oppervlak, meer gegevens en, in theorie, een veel minder barrière voor adoptie. Dat verklaart ook waarom Vinod Khosla, investeerder in het bedrijf, aangeeft dat een BCI voor miljarden mensen niet van chirurgie afhankelijk kan zijn.

Hoe ziet het BCI-landschap er in 2026 uit?

Niet alle bedrijven in de sector richten zich precies op hetzelfde gebruik, maar samen schetsen ze een vrij accuraat beeld van de huidige staat van de BCI-markt in 2026:

BedrijfType interfaceInvasiviteitHoofdfocusHuidige statusBron
SabiEEG-draagbare hoed/petNiet-invasiefInterne spraak naar tekst; alledaagse invoer voor computerUit de stealthfase in april 2026; eerste product beloofd eind 2026; initiële doelstelling ca. 30 woorden per minuut
NeuralinkImplant N1 intracorticaalInvasiefComputercontrole en spraakherstel bij patiënten met verlamming of ernstig verlies van spraakOpen klinische proeven; implantaat met 1024 elektroden in 64 draden, geplaatst met een chirurgisch robot
SynchronEndovasculaire StentrodeMinium invasiefDigitale controle voor mensen met motorisch verlies zonder open schedelchirurgieklinisch platform actief; interface wordt via bloedvaten geïmplanteerd, zonder open hersenchirurgie
Precision NeuroscienceLayer 7 corticaal oppervlakarrayImplantabel maar reversibel en minder invasief dan diepe intracorticale systemenHogeresolutie opname op de corticale oppervlakte voor toekomstige klinische BCIOnderzoek naar apparaat; arrays van 1024 elektroden en modulaire architectuur met duizenden kanalen
ParadromicsConnexus implantabele BCIInvasiefHerstel van spraak en controle voor patiënten met ernstige motorische achteruitgangFDA-vergunning IDE sinds november 2025 voor vroege haalbaarheidsstudies in mensen
NeurableEEG-headset MW75 NeuroNiet-invasiefFocus, vermoeidheid en cognitieve status monitoren, niet gedacht-naar-tekstCommerciële product met 12 kanaals EEG en textiele sensoren; gericht op productiviteit en welzijn

De tabel onderstreept één belangrijk punt: de markt is momenteel opgesplitst. Aan de ene kant zijn er klinische BCI-systemen, die streven naar zo hoog mogelijke bandbreedte ten koste van invasie in het lichaam. Aan de andere kant zijn er de niet-invasieve wearables, die veel schaalbaarder zijn maar zich nog steeds richten op eenvoudige functies zoals focus, vermoeidheid of eenvoudige motorische intentie. Sabi probeert een zeer ambitieus tussenpad te bewandelen: niet in de schedel, maar wel met een hoge-waardefunctie zoals denken aan tekst schrijven.

Wat onderscheidt Sabi echt van Neuralink?

De vergelijking met Neuralink is onvermijdelijk, maar het is niet goed om het te simplificeren. Neuralink richt zich vooral op klinische toepassingen met hoge precisie. De N1 is bedoeld om hersenactiviteit veel nauwkeuriger te registreren en te gebruiken voor besturing van apparaten bij mensen met tetraplegie of ernstig spraakverlies. Die aanpak heeft een duidelijk voordeel: intracorticale signalen zijn veel rijker en directer dan wat een EEG-hoed van buitenaf kan oppikken.

Sabi daarentegen begint niet in het ziekenhuis, maar met de draagbare technologie. Dat verschil is enorm. Neuralink vertegenwoordigt de “maximale signaalkwaliteit, maximale klinische complexiteit” aanpak, terwijl Sabi gaat voor “minder nauwkeurig per sensor, maar grotere acceptatie op sociaal niveau en potentieel voor bredere consumptie”. Wired beschrijft het zo: als de bedoeling is een alledaagse interface voor de computer, ligt de grootste uitdaging niet alleen in het goed lezen van het brein, maar ook dat het apparaat zonder frictie gebruikt kan worden, zonder lange kalibraties en zonder de gebruiker in een patiënt te veranderen.

De grote vraag: van demo naar echt product

Die sprong blijft de ultieme test. Sabi heeft de markt betreden met opvallende cijfers, maar heeft nog geen onafhankelijke bevestiging getoond op het niveau dat nodig is voor een revolutionaire verandering in persoonlijke technologie. De geschiedenis van BCI’s zit vol met indrukwekkende prototypes die uiteindelijk tegen de realiteit opbotsten: ruis, gebruikerstraining, calibratie, latency, kosten, privacy en vooral de uitdaging om resultaten buiten zeer gecontroleerde omgevingen te herhalen. Recent onderzoek naar geïmagneerde spraak met EEG benadrukt dat het veld vordert, maar dat robuuste generalisatie tussen gebruikers nog steeds een van de grootste open problemen is.

Toch zou het een vergissing zijn om de beweging te onderschatten. Hoewel Sabi mogelijk niet “de niet-invasieve Neuralink” wordt die veel koppen en koppen suggereren, heeft het wel een krachtig idee op de tafel gezet: de komende grote interface hoeft niet op een smartphone te lijken, niet op een medisch implantaat en niet op een toetsenbord. Het zou kunnen lijken op een kledingstuk. En als het lukt om verbale gedachten te vertalen met een praktische toepassing, zou de impact veel verder reiken dan de kliniek. Het zou invloed hebben op productiviteit, toegankelijkheid, AI-assistenten en uiteindelijk op de manier waarop we “gebruik maken” van computers.

Veelgestelde vragen

Hoe verhoudt Sabi zich tot Neuralink?
Niet helemaal. Neuralink richt zich op klinische implantaten voor mensen met verlamming of ernstig spraakverlies, terwijl Sabi een niet-invasieve BCI wil ontwikkelen die mogelijk door een breed publiek gebruikt kan worden voor interne spraak-naar-tekst communicatie.

Wat maakt Sabi technisch anders dan andere EEG-systemen?
Het grootste verschil is de ambitie om tussen de 70.000 en 100.000 miniatuursensoren te combineren met op maat gemaakte ASICs en een model getraind met 100.000 uur neurale data. De meeste EEG-systemen hebben slechts een dozijn of enkele honderden sensoren.

Bestaat er al een commercieel niet-invasief BCI-systeem?
Ja, maar met veel beperktere doelen. Neurable verkoopt hoofdtelefoons met 12 EEG-kanalen om focus en vermoeidheid te meten, en Emotiv biedt EEG-headsets met 14 kanalen voor onderzoek en ontwikkeling. Geen van deze oplossingen beweert algemeen gedacht-naar-tekst te kunnen, zoals Sabi dat belooft.

Wat is momenteel de grootste uitdaging voor niet-invasieve spraak-BCI?
Het EEG-signaal wordt afgezwakt en zit vol ruis bij het meten van buiten het cranium. Bovendien is er grote variabiliteit tussen gebruikers en sessies. Daarom blijft robuuste decodering van geïmagineerde spraak een van de moeilijkste technische uitdagingen binnen het veld.

Scroll naar boven