Verenigde Staten en China bereiden een noodkanaal voor voor AI terwijl Europa vanaf de zijlijn toekijkt

Verenigde Staten en China bevinden zich op het punt om een direct communicatie-mechanisme op te zetten voor incidenten op het gebied van kunstmatige intelligentie die mogelijk een bedreiging vormen voor de nationale veiligheid. Het voorstel omvat wederzijdse meldingsplichten en een communicatielijn voor noodgevallen, op een moment dat Washington en Peking strijden om technologisch leiderschap. Deze stap werpt ook een ongemakkelijke schaduw op Europa: de EU neemt deel aan internationale governancefora en heeft eigen regelgeving ontwikkeld, maar maakt geen deel uit van dit nieuwe bilaterale kanaal tussen de twee grootmachten die een groot deel van de grensverleggende AI-capaciteiten bezitten.

De kernpunten van het AI-kanaal tussen de VS en China in 30 seconden

  • Washington en Peking bereiden een specifiek dialoog voor over AI-veiligheid.
  • Het mechanisme kan een directe lijn bevatten voor het melden van AI-incidenten met implicaties voor de nationale veiligheid.
  • De gesprekken omvatten autonome agents die buiten controle treden, cyberaanvallen en andere risico’s van geavanceerde systemen.
  • Beide landen zijn van plan om binnen ongeveer twee maanden in Shenzhen weer samen te komen om protocollen te concretiseren.
  • Europa beschikt over regelgeving, evaluatieprocessen en internationale fora, maar is niet betrokken bij dit bilaterale nooddraaisysteem.

De voorgestelde aanpak heeft niet alleen een diplomatieke, maar ook een technologische betekenis. Amerikaanse en Chinese leiders proberen een protocol op te zetten tussen de twee blokken die momenteel een groot deel van de grensverleggende modellen, datacenters en infrastructuur in handen hebben. Reuters meldt dat het voorgestelde mechanisme bedoeld is om beide landen te laten waarschuwen zodra een AI-incident een bedreiging kan vormen voor de nationale veiligheid.

Een volledig technisch protocol is nog niet gepresenteerd. Het staat gepland dat de gesprekken doorgaan en dat functionarissen definiëren wat zij als een ernstig incident beschouwen, welke informatie gedeeld moet worden en hoe de directe communicatie precies zou functioneren.

Hier komt het element naar voren dat Europa het meest intrigeert. De EU zit niet in dit bilaterale mechanisme, althans niet op basis van het tot nu toe gepresenteerde voorstel. Washington en Peking bespreken rechtstreeks hoe te reageren op bepaalde AI-risico’s, terwijl Brussel werkt aan haar eigen kader en deelneemt aan multilaterale initiatieven.

Twee AI-grootmachten creëren hun eigen noodkanaal

Het Amerikaanse-Chinese mechanisme komt voort uit gesprekken tussen de Amerikaanse minister van Financiën Scott Bessent en de Chinese vicepremier He Lifeng. Volgens Reuters hebben beide partijen afgesproken de gesprekken over AI-veiligheid voort te zetten en binnen zo’n twee maanden weer in Shenzhen te reuniren.

Het voorstel omvat een meldingssysteem voor incidenten die een bedreiging voor de nationale veiligheid kunnen vormen. Bessent sprak ook over het opzetten van een directe lijn voor deze situaties.

Het doel is niet om elkaars modellen op afstand te controleren of een gezamenlijke instantie te creëren die alle AI-systemen bewaakt. De functie is veel concreter: voorkomen dat een technologische storing uitmondt in een crisis door gebrek aan informatie of verkeerde interpretatie.

De situatie wordt nog complexer wanneer modellen tools van buiten gebruiken en autonoom opereren. Een agent die toegang krijgt tot systemen, code uitvoert, netwerkbewerkingen verricht of interactie heeft met andere machines, kan een incident veroorzaken in veel minder tijd dan de traditionele diplomatieke kanalen nodig hebben om te reageren.

Daarom verschuift de focus van modelveiligheid naar de veiligheid van de systemen die eromheen functioneren.

Amerikaanse en Chinese autoriteiten benadrukken vooral risico’s verbonden aan autonome agents, cyberaanvallen en andere potentieel gevaarlijke toepassingen van geavanceerde systemen.

Europa heeft regelgeving, maar zit niet bij Washington en Peking aan tafel

De situatie in Europa is complexer dan de afwezigheid in dit kanaal doet vermoeden.

De Europese Unie is niet buiten de veiligheid van AI blijven staan. Brussel heeft de AI Act ontwikkeld, gespecialiseerde structuren voor toezicht op grensverleggende modellen opgezet en stimuleert mechanismen voor evaluatie en internationale samenwerking. In juli 2026 presenteerde de Europese Commissie een specifiek plan voor het aanpakken van de risico’s van geavanceerde AI in cybersecurity, inclusief model-evaluaties en versterking van de Europese capaciteit om risico’s te analyseren.

De EU neemt ook deel aan het Global Dialogue on AI Governance van de Verenigde Naties en heeft gepleit voor bredere internationale samenwerking op het gebied van AI-veiligheid. In haar verklaring van juli riep Europa op tot een bredere internationale coördinatie en participatie van alle relevante actoren.

Het punt is echter dat deze mechanismen verschillen van het kanaal dat nu door de VS en China wordt voorgesteld.

Terwijl Brussel vooral werkt via regelgeving, normen, evaluatie en multilaterale organen, creëren Washington en Peking een communicatiesysteem tussen twee regeringen met directe technologische, industriële en militaire capaciteit om grensverleggende AI-systemen te ontwikkelen en te implementeren.

Die discrepantie is significant.

De Europese Commissie erkent dat systemenrisico’s van geavanceerde AI een mondiale dimensie hebben en dat internationale samenwerkingsmechanismen nodig zijn. Haar strategie omvat zelfs communicatiekanalen en gedeeld kennisplatform voor incidentrespons wanneer dat gepast is.

Dit betekent echter niet dat Europa deel uitmaakt van de specifieke communicatielijn die momenteel door de VS en China wordt onderhandeld.

De Europese paradox: veel regels, maar minder technologische invloed

Europa bevindt zich in een bijzondere positie. Het beschikt over een van de meest ontwikkelde regelgevingen voor AI wereldwijd, maar heeft minder grote bedrijven die kunnen concurreren met de Amerikaanse en Chinese giganten op het gebied van onderzoek, modellen en infrastructuur.

Dit verschil wordt duidelijk in de technologieën achter de gesprekken. De VS herbergen bedrijven als OpenAI, Anthropic, Google, Microsoft, Meta en NVIDIA, terwijl China haar eigen grote ontwikkelaars en aanbieders van modellen en infrastructuur heeft.

Europa heeft relevante onderzoeksinstituten en bedrijven, maar haar vermogen om rechtstreeks invloed uit te oefenen op grensverleggende modellen is beperkter.

Een recente analyse van het Carnegie Endowment benadrukt dat internationale AI-governance meerdere gelijktijdige sporen ontwikkelt, waarbij samenwerking tussen de VS en China een belangrijke rol speelt in elk wereldwijd raamwerk.

Een andere studie van het CSIS schetst drie opkomende institutionele initiatieven: het Amerikaanse technologische veiligheidsdialoog, het VN-proces en een door China gestarte AI-samenwerkingsorgaan. Het bilaterale kanaal tussen Washington en Peking fungeert nu als een aanvullend onderdeel van dat scenario.

Europa neemt aan sommige van deze fora deel, maar heeft geen invloed op de grote technologische spelers die rechtstreeks de risico’s van hun systemen bespreken en beheren.

Het probleem gaat verder dan regelgeving

De voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, erkende onlangs dat Europa eigen AI-capaciteiten moet ontwikkelen om haar onafhankelijkheid en veiligheid te beschermen. Ze kondigde ook aan dat de EU haar samenwerking met landen als Canada en het Verenigd Koninkrijk wil versterken op het gebied van modelevaluatie, verificatie, vroegtijdige waarschuwing en AI-veiligheid.

Dat is een belangrijk signaal: Europa verschuift van regulering naar technologische capaciteit.

Normen opstellen voor incidentmeldingen is één ding; beschikken over de infrastructuur om een incident in realtime te detecteren is een ander. En deelnemen aan een internationaal forum betekent niet automatisch dat je kan onderhandelen met de grootste actoren die de meeste modellen, datacenters en rekenplatforms beheersen.

De AI Act legt bijvoorbeeld al verplichtingen op voor de melding van bepaalde ernstige incidenten met hoog-risico systemen.

Maar de gesprekken tussen de VS en China bevinden zich op een ander niveau. Ze gaan over incidenten die een risico voor de nationale veiligheid vormen en over het mogelijk houden van directe communicatie tussen twee grootmachten.

Daarom loopt Europa het risico slechts toeschouwer te zijn, tenzij het zijn regelgeving aanvult met eigen technologische capaciteit en responsmechanismen.

De race voor AI is ook een race om de regels te bepalen

De initiatiefname van Washington en Peking betekent niet dat er al volledige overeenstemming is over AI-veiligheid. Er is nog geen publiek protocol dat aangeeft hoe de toekomstige directe lijn precies zal werken.

Wel toont het aan dat de veiligheid van geavanceerde systemen als een strategisch communicatie-instrument tussen grootmachten begint te worden behandeld.

OpenAI heeft recent ook gevraagd dat de VS de ontwikkeling van internationale technische standaarden voor geavanceerde AI en grensverleggende systemen leidt, inclusief mechanismen voor incidentmelding. Het bedrijf gelooft dat betere coördinatie helpt het ontstaan van incompatibele kaders tussen landen te voorkomen.

Voor Europa betekent dat een bredere uitdaging dan alleen regelgeving.

Brussel kan regels opleggen voor bedrijven op haar markt, maar als de gesprekken over ernstige incidenten, grensverleggende capaciteiten en noodprotocollen vooral tussen Washington en Peking plaatsvinden, zal Europa’s invloed afhangen van haar technologische gewicht.

Voorlopig bestaat het nieuwe AI-kanaal uit twee gesprekspartners: Verenigde Staten en China. Europa beschikt over normen, internationale fora en regelgevingen, maar zit niet in deze bilaterale ‘besloten markt’.

Die discrepantie wordt zo relevant als elk artikel uit de AI Act.

Veelgestelde vragen

Wat ontwikkelen de VS en China voor AI-incidenten?

Beide landen onderhandelen over een specifiek dialoog over AI-veiligheid, dat mogelijk een meldmechanisme en een directe lijn voor incidenten die de nationale veiligheid kunnen beïnvloeden, omvat.

Is de Europese Unie onderdeel van dit AI-kanaal?

Niet in het huidige voorstel. Washington en Peking zijn de deelnemers aan het voorgestelde mechanisme, terwijl de EU haar eigen systemen voor regelgeving, evaluatie en internationale samenwerking ontwikkelt.

Deelt Europa niet in de internationale AI-veiligheid?

Inderdaad, Europa neemt deel aan multilaterale initiatieven en ontwikkelt eigen mechanismen voor evaluatie, veiligheid en risicobeheer, maar wordt niet meegenomen in het speciale bilaterale kanaal tussen Washington en Peking.

Waarom is het belangrijk dat Europa eigen technologische capaciteiten ontwikkelt?

Omdat de invloed op AI-veiligheid niet alleen afhangt van regelgeving, maar ook van het beschikken over modellen, rekenkracht, evaluatiesystemen, infrastructuur en mechanismen om incidenten te detecteren en te reageren.

Scroll naar boven